ApestaartjarenSinds 2006 organiseert Mediaraven (een Vlaamse jeugdwerkorganisatie die werkt rond media) de tweejaarlijkse studiedag Apestaartjaren, over jongeren en nieuwe media. Gisteren ging de zesde editie van start, waarop ook de resultaten van het nieuwe Apestaartjaren-onderzoek werden voorgesteld.

Mediaraven onderzocht samen met LINC en de onderzoeksgroep MICT van de Universiteit Gent verschillende aspecten van de relatie tussen jongeren en nieuwe media: mediabezit en -gebruik, mobiel internet, sociale media, nieuws en informatie, muziek en video, gaming, media en seksualiteit, en digitale stress. Het volledige onderzoeksrapport kun je onderaan dit bericht lezen, maar op de Apestaartjaren-website staat ook een samenvatting van de belangrijkste resultaten. Zo leren we dat de smartphone het belangrijkste toestel is in het leven van jongeren, met 92 procent van de 12- tot 18-jarigen die er één bezit, en dat steeds meer jongeren (63 procent, tegenover 37 procent in 2014) een mobiel data-abonnement heeft.

Op het einde van het rapport staan ook enkele aanbevelingen. De brede jeugdsector (en dus ook het onderwijs) moet open communiceren met jongeren over hun mediagebruik en hen vertrouwen geven. Daarnaast vinden de onderzoekers dat iedereen die met jongeren werkt, zou moeten kunnen beschikken over een smartphone, iets waar wij uiteraard volledig achter staan… 🙂

Als je ziet wat jongeren allemaal doen met hun smartphone en hoe die een toegangspoort vormt tot de wereld, dan kunnen we niet anders dan alle jeugdverenigingen – en waarom ook niet meteen het onderwijs – oproepen om te investeren in de juiste communicatiemiddelen voor hun beroepskrachten. En dan hoort de smartphone met mobiele dataverbinding zonder twijfel tot de toolkit van een moderne jeugdwerker en leraar.